Niemand heeft er iets aan als ik ga zitten jammeren.
- Tamara Janmaat
- 15 jul
- 6 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 16 uur geleden

Ik denk dat dit één van de meest uitgesproken zinnen is die ik de afgelopen jaren heb gehoord. Misschien omdat ik veel met mensen spreek die midden in een ingewikkelde periode van hun leven zitten. Misschien omdat ik hem zelf ook weleens heb gedacht. Het is zo’n zin die bijna als een natuurwet klinkt. Alsof we ooit met elkaar hebben afgesproken dat moeilijke gevoelens prima zijn, zolang ze maar niet te zichtbaar worden. Natuurlijk mag je best vertellen dat je een rotdag hebt gehad, maar daarna graag weer door. Schouders eronder. Positief blijven. En vooral niet te lang stilstaan bij wat pijn doet.
Wie is die ‘niemand’ eigenlijk?
Die vraag stel ik bijna automatisch wanneer iemand deze overtuiging uitspreekt. Niet omdat ik hem wil overtuigen van het tegendeel, maar omdat ik oprecht nieuwsgierig ben. Waar heb je geleerd dat jouw verdriet een last is voor een ander? Wie liet je voelen dat je sterk moest zijn? Dat je het eerst zelf moest oplossen voordat je erover mocht praten? Vaak blijkt dat woordje niemand helemaal niet over de mensen te gaan die nu tegenover je zitten. Het is een oude overtuiging die zich in de loop van de tijd is gaan gedragen alsof het een feit is.
Ik begrijp goed waar die overtuiging vandaan kan komen. We kennen waarschijnlijk allemaal iemand die ieder gesprek weet om te bouwen tot een aaneenschakeling van problemen. Nog voordat je hebt gevraagd hoe het gaat, weet je alweer precies wat er deze week allemaal misging. Je voelt jezelf langzaam veranderen in een onbetaalde klantenservice voor het universum. Dat soort gesprekken kunnen behoorlijk vermoeiend zijn. Alleen valt me op dat we daardoor twee heel verschillende dingen op één hoop zijn gaan gooien. Eindeloos klagen is iets anders dan eerlijk vertellen wat er in je leeft.
De mensen die bang zijn om iets van zichzelf te laten zien, zijn vaak helemaal geen klagers. Het zijn mensen die hun gevoelens zorgvuldig doseren. Die eerst drie keer nadenken voordat ze iets persoonlijks vertellen. Die liever vragen hoe het met de ander gaat dan zelf ruimte innemen. En als ze dan eindelijk woorden geven aan wat er werkelijk speelt, volgt vaak vrijwel direct een verontschuldiging. “Ach, laat maar. Niemand heeft er iets aan.” Alsof hun verdriet pas bestaansrecht heeft wanneer er meteen een oplossing tegenover staat.
Daaronder ligt volgens mij een veel grotere overtuiging. Alsof gevoelens pas gedeeld mogen worden wanneer ze nuttig zijn. Alsof ieder gesprek een concreet resultaat moet opleveren. Een advies. Een oplossing. Een stappenplan. Terwijl ik steeds opnieuw ontdek dat de behoefte om iets te delen meestal helemaal niet begint bij de wens om geholpen te worden.
Wanneer ik mensen vraag waarom ze dit eigenlijk willen vertellen, hoor ik zelden: “Ik hoop dat jij het voor me oplost.” Veel vaker gaat het over een verlangen om gezien te worden. Om niet alles alleen te hoeven dragen. Om ergens te mogen landen zonder jezelf groot te hoeven houden. Dat zijn wezenlijk andere behoeften. Doordat we daar niet bij stilstaan, trekken we soms de verkeerde conclusie. We denken dat we aandacht vragen, terwijl we verlangen naar menselijke nabijheid.
Ik herken die neiging ook bij mezelf. Op momenten waarop het leven veel vraagt, schiet ik soms in de overtuiging dat ik anderen er niet mee moet belasten. Tot ik me realiseer dat ik helemaal geen oplossingen zoek. Ik verlang naar een gesprek waarin niets gerepareerd hoeft te worden.
Dat is één van de dingen die Geweldloze Communicatie mij heeft geleerd. Achter vrijwel ieder verzoek zit een behoefte die veel universeler is dan de strategie waarmee we haar proberen te vervullen. Het verlangen om iets te vertellen is zelden een verlangen naar advies. Veel vaker gaat het om aanwezigheid. Om iemand die nieuwsgierig blijft. Die niet meteen begint over zijn eigen ervaring, geen lijstje met oplossingen uit zijn binnenzak trekt en ook niet haastig probeert het gesprek weer gezellig te maken. Gewoon iemand die blijft luisteren en zich afvraagt: Hoe is dat voor jou?
Daar ligt volgens mij ook de reden waarom zoveel mensen liever zwijgen. We zijn als luisteraar nauwelijks geoefend. Zodra iemand vertelt dat het moeilijk is, voelen we de neiging om iets te doen. We stellen gerust, geven advies, zoeken een positieve draai of vertellen een vergelijkbaar verhaal uit ons eigen leven. Allemaal heel menselijke reacties, die meestal voortkomen uit betrokkenheid. Alleen sluiten ze lang niet altijd aan bij waar de ander op dat moment naar verlangt.
Luisteren vraagt vaak meer van ons dan praten. Het vraagt dat we ons eigen ongemak even parkeren. Dat we de stilte niet meteen opvullen. Dat we onze behoefte om behulpzaam te zijn niet belangrijker maken dan de behoefte van de ander om echt gehoord te worden. Dat is soms verrassend moeilijk, zeker wanneer iemand van wie je houdt pijn heeft.
Geweldloze Communicatie gaat voor mij daarom veel verder dan goed leren praten. Het is minstens zo veel een oefening in leren luisteren. Luisteren zonder te vergelijken. Zonder te analyseren. Zonder alvast te bedenken wat je straks gaat zeggen. Nieuwsgierig blijven naar de unieke wereld van de ander, ook wanneer die totaal anders is dan die van jou. Niet omdat je alles kunt begrijpen, maar omdat je bereid bent een stukje met iemand mee te lopen.
Onze verhalen hoeven daarvoor helemaal niet op elkaar te lijken. Iedere pijn heeft zijn eigen kleur, zijn eigen geschiedenis en zijn eigen betekenis. De opluchting ontstaat vaak al doordat iemand de vrijheid ervaart om zijn verhaal helemaal te vertellen, zonder dat het kleiner, groter of vergelijkbaar gemaakt hoeft te worden. Ik denk dat we elkaar weinig mooiers kunnen geven.
Niemand wordt geholpen door eindeloos te blijven herhalen hoe oneerlijk het leven is. Daar zit weinig beweging in. Tegelijk geloof ik dat veel mensen geholpen zijn wanneer we stoppen met doen alsof alles altijd goed gaat. Niet zodat we elkaar kunnen redden. Ook niet zodat we elkaars problemen oplossen. Simpelweg omdat een mens soms even gedragen wordt door de aandacht van een ander.
Het grootste misverstand is volgens mij dan ook niet dat we te veel klagen. Het grootste misverstand is dat we verleerd zijn om naar elkaar te luisteren. We zijn zo druk geworden met opbeuren, adviseren, vergelijken en oplossen, dat we nauwelijks nog oefenen in iets wat veel waardevoller is: nieuwsgierig aanwezig blijven bij wat er in de ander leeft. Dat vraagt moed van degene die iets deelt, maar minstens zoveel van degene die luistert. Luisteren zonder haast. Zonder oordeel. Zonder de behoefte om het lichter, kleiner of begrijpelijker te maken dan het op dat moment voor de ander is.
Daarom ben ik tegenwoordig vooral nieuwsgierig wanneer iemand zegt: “Niemand heeft er iets aan als ik ga zitten jammeren.” Wie is die ‘niemand’ eigenlijk? Is dat werkelijk de persoon die nu tegenover je zit? Of is het een oude stem die je ooit heeft geleerd dat jouw verdriet te veel was, te zwaar of te ingewikkeld? Mijn ervaring is dat de meeste mensen helemaal niet afhaken wanneer iemand zich eerlijk laat zien. Ze haken vooral af wanneer ze denken dat ze iets moeten oplossen. Zodra die druk verdwijnt, ontstaat er ruimte voor iets veel menselijkers. Een gesprek waarin je niets hoeft te bewijzen, niemand hoeft te overtuigen en ook niet zo snel mogelijk weer ‘de oude’ hoeft te zijn. Alleen al de ervaring dat iemand bereid is om nieuwsgierig naast je te blijven staan, kan ongelooflijk veel verlichting geven.
En als jij jezelf weleens hoort denken: “Niemand heeft er iets aan als ik ga zitten jammeren,” dan ben ik vooral nieuwsgierig: wie is die ‘niemand’ eigenlijk?
Nieuwsgierig geworden?
Als dit artikel iets bij je heeft geraakt, nodig ik je uit om er niet alleen over na te denken, maar er ook mee te oefenen.
De zomereditie van De Communicatiecode is nog maar een paar dagen verkrijgbaar voor €66. Bijna acht weken lang ontvang je iedere dag een korte audio die je helpt om nieuwsgieriger te worden naar wat er in jezelf leeft én hoe je daar woorden aan kunt geven.
Oefen je liever samen met anderen? Op 3 september staat de volgende Empathie Gym gepland. Een ochtend waarin we niet op zoek gaan naar de perfecte woorden, maar oefenen met iets wat misschien nog waardevoller is: aanwezig blijven bij wat er in jezelf én de ander leeft.
Je bent van harte welkom!
Warme groet,
Tamara


